Search

Het opgeruimd houden met (tegendraadse) huisgenoten: 9 tips

Als je al wat stappen hebt gezet in het minimaliseren en organiseren, dan is er niets zo frustrerend als huisgenoten die hun spullen niet opruimen na gebruik.


Het kan soms erg moeilijk zijn om partner en/of kinderen mee overtuigd te krijgen om iets meteen weer op te bergen na gebruik. In deze blog wil ik jullie een aantal aandachtspunten en tips meegeven die kunnen helpen in dit proces.



  1. Ben je zeker dat jij zélf alles meteen terug op de juiste plaats legt? Het goede voorbeeld geven is één van de beste leermethoden die je in huis kan toepassen. Ik hoor soms ouders zeggen dat hun kinderen écht niet kunnen opruimen, ... maar de spullen van die ouders liggen ondertussen zelf verspreid over het hele huis. Je kan niet verwachten dat je kinderen (of partner) iets doet of kan, als je het zelf nog niet voldoende kan.

  2. Zorg dat ze op de hoogte zijn van nieuwe vaste plaatsen. Meestal is er één van de ouders die de verantwoordelijkheid van het minimaliseren en organiseren op zich neemt. Vanzelfsprekend dat je dan vooral zélf nieuwe vaste plaatsen voor spullen kiest. Maar zorg dat alle gezinsleden op de hoogte zijn van deze plekken. Zorg eventueel voor labels in de kasten zodat het duidelijk is én het niet vergeten kan worden.

  3. Betrek je huisgenoten tijdens je opruim-acties. Vraag raad of input over waar je het beste gezamenlijke spullen kan opbergen. Wedden dat ze die nieuwe vaste plaatsen beter zullen onthouden, als ze er zelf mee hebben over nagedacht? Maar laat hen ook zelf eigen spullen onder handen nemen. Geef een concrete opruim opdracht in een eigen kamer of eigen schuif. Leg de eindverantwoordelijkheid bij hen, benadruk hoe fijn het zal zijn als deze plek opgeruimd zal zijn en geef (als het nodig lijkt) ook enkele tips om hen op weg te helpen tijdens het minimaliseren en organiseren.

  4. Een nieuwe gewoonte aanleren heeft tijd nodig. Als je huisgenoten het niet gewoon zijn om plots hun spullen meteen op te ruimen, zal dat even tijd vragen om hen dit nieuwe gedrag aan te leren. Neem gemiddeld drie weken voor nieuw gedrag een gewoonte is geworden. Wees mild en geef hen tijd. Durf zacht te herinneren wanneer het vergeten wordt maar zorg dat er ondertussen geen aversie ontstaat ten opzichte van opruimen.

  5. Hang 'reminders' op in huis. In de gemeenschappelijke ruimten zoals keuken en living kan het een goed idee zijn om tijdelijk enkele leuke briefjes of spreuken omhoog te hangen. 'Leg niet NEER maar leg het WEG.' om de spullen niet op tafel te laten belanden maar meteen op de juiste plaats IN de schuif of kast. '2 minuten regel': alles wat je binnen de twee minuten kan doen, doe je meteen. Vooral handig bij huisgenoten die kunnen lezen natuurlijk. ;-) Je kan met deze spreuken ook zelf liedjes maken. Houd het luchtig en plezant!

  6. Zorg voor één vast opruim-moment per dag. Om zo'n nieuwe gewoonte aan te leren is het heel belangrijk om elke dag een (vast) moment in te plannen, liefst op hetzelfde tijdsstip én met het hele gezin. Je kan zo bijvoorbeeld net voor het eten of voor het slapen gaan een kwartiertje opruimen met iedereen. Ouders kunnen dan bijvoorbeeld de keuken opruimen en de kinderen het speelgoed. Baken plekken en spullen af zodat je niet door elkaar hetzelfde staat op te ruimen. Doe dit samen zodat het duidelijk is dat iedereen zijn steentje moet bijdragen om het huis opgeruimd te houden. Leg ook uit welke voordelen er zijn aan dit vast opruim-moment: zo kunnen we aan een opgeruimde tafel avondeten, zo kunnen we morgen ontwaken in een opgeruimd huis, ... Kijk eens wat je met het hele gezin op een kwartiertje klaar krijgt! Zet gerust een wekker om de tijd af te grenzen.

  7. Berg spullen op dààr waar je ze gebruikt. Hoe gemakkelijk het is om spullen op te bergen na gebruik, hoe beter deze gewoonte zal worden toegepast. Als je voor het opbergen van een schaar eerst twee kamers moet doorkruisen, is de kans groter dat ze ergens op een magneetplek zal belanden. 4 scharen in één keukenschuif? Niet doen! Beter 4 scharen verspreid over het hele huis. Elk zijn eigen vaste plek. Zo moet je niet van de ene kant van het huis naar de andere kant om even een schaar te pakken of op te bergen.

  8. Geef eens een compliment! Het is gemakkelijker om iets negatief op te merken, zoals wanneer 'weer' iets blijft rondslingeren in huis. Heel normaal natuurlijk, want opgeruimde spullen zie je niet liggen! Maar dat zorgt natuurlijk voor een negatieve spiraal, als we enkel benoemen wanneer het niet lukt. En zo zal rond het thema 'opruimen' een negatieve sfeer komen hangen. De kunst ligt hem in het opmerken wanneer je iemand zijn gebruikte spullen ziet opbergen!

  9. Hoe minder (overbodige) spullen, hoe minder jullie moeten opruimen! Blijf in het achterhoofd houden dat ook overbodige en ongebruikte spullen door het huis kunnen zwerven. We denken dat we ze even nodig hebben, ze liggen in de weg om iets anders te pakken, ze vallen uit een kast, ze worden verplaatst, ze moeten onderhouden worden, ... tijdens al deze acties kunnen ze dus ook op een ongewenste plek rondzwerven in huis. Hoe meer deze spullen worden geminimaliseerd, hoe minder ze opgeruimd moeten worden.


Hopelijk kunnen deze tips en aandachtspunten je al een hele eind op weg helpen!

Ik wens je alvast heel veel opruim-successen in huis!


Heb je zelf nog tips of aandachtspunten die je hier niet leest? Laat het me zeker weten via britt@ontwar.be of via de contactformulieren op deze website.